Park
Eerder geplaatst op Hyves: 24 Nov 2005
Ik heb veel tijd de laatste tijd. Daarom heb ik besloten elke dag in het park te wandelen om wat rust in mijn geest en lichaam te krijgen.
Het Westerpark is een mooi, modern stadspark. Omdat het park buiten het centrum ligt, komen er weinig toeristen. Dat is fijn. Want ik heb iets tegen (te veel) toeristen. Zij verstoren mijn gedachten en verhinderen mijn uitzicht op de stad. Ik zie Amsterdam als mijn woonplaats, niet als een bezienswaardigheid. Ik wil dat de stad praktisch en overzichtelijk blijft. Ik vind het prettig dat ik de bewoners van de stad tegenkom in het Westerpark. Zij zijn de stad waarin ik woon.
Op een ochtend wandel ik door het park. Ik zie drie mannen in versleten jassen met plastic tassen en een winkelwagentje lopen. Plotseling staat ze stil. Ze kijken naar de lucht. Een van de mannen heeft het woord en vertelt gedreven, druk wijst hij omhoog. De andere twee luisteren als enthousiaste leerlingen en kijken naar de lucht. Ze knikken begrijpend.
Ik loop langs en kijk ook omhoog. De zon schijn en de lucht is strak blauw. Geen wolkje aan de lucht. Geen vliegtuig of vogel te zien. Niets.
Ik loop langs de mannen. 'Je lacht!' roepen zij mij toe. Dat klopt. Ik lach.
Het Westerpark is een mooi, modern stadspark. Omdat het park buiten het centrum ligt, komen er weinig toeristen. Dat is fijn. Want ik heb iets tegen (te veel) toeristen. Zij verstoren mijn gedachten en verhinderen mijn uitzicht op de stad. Ik zie Amsterdam als mijn woonplaats, niet als een bezienswaardigheid. Ik wil dat de stad praktisch en overzichtelijk blijft. Ik vind het prettig dat ik de bewoners van de stad tegenkom in het Westerpark. Zij zijn de stad waarin ik woon.
Op een ochtend wandel ik door het park. Ik zie drie mannen in versleten jassen met plastic tassen en een winkelwagentje lopen. Plotseling staat ze stil. Ze kijken naar de lucht. Een van de mannen heeft het woord en vertelt gedreven, druk wijst hij omhoog. De andere twee luisteren als enthousiaste leerlingen en kijken naar de lucht. Ze knikken begrijpend.
Ik loop langs en kijk ook omhoog. De zon schijn en de lucht is strak blauw. Geen wolkje aan de lucht. Geen vliegtuig of vogel te zien. Niets.
Ik loop langs de mannen. 'Je lacht!' roepen zij mij toe. Dat klopt. Ik lach.

