Horizon

Waar het grijsblauw van de lucht overgaat in het blauwgrijs van de zee.

Waar het grijsblauw van de lucht overgaat in het blauwgrijs van de zee.
Rust, nadenken, ruimte en rust.
Dat waren de steekwoorden van dit weekend.
Ik had besloten om alleen een weekend op Schiermonnikoog door te brengen.
Aléén…. Naar Schiermonnikoog, dat is naïef.
Nadat ik mijn vrienden duidelijk had gemaakt dat zij mij niet gelukkig zouden maken met een verassingsbezoekje, want ik wilde alleen zijn, moest ik wel even aan het idee wennen.
Vier dagen geen internet, geen msn, geen mail, niet even borrelen en bijkletsen.
Dit gevoel verdween snel toen ik op station Leeuwarden de trein uitstapte.
Opgeschoten pubers, schuifelende bejaarden en zeulende ouders roepend naar hun rennende kroost.
Koninginnedag in Amsterdam zou een goede vergelijking zijn.
Al deze mensen moesten in één bus naar Lauwersoog. Dat lukte.
Na een uur werden we gelost bij de boot die ons naar Schiermonnikoog zou brengen.
Daar stonden nog meer mensen te wachten.
Paniek en stress, maar het lukte om ons allemaal op die boot te krijgen.
Helaas heb ik niets van de zee kunnen zien, tijdens de overtocht en zat ik, claustrofobisch met visoenen van schepen vol
Aziatische vluchtelingen te wachten op de verlossende aankomst op Schier.
Op Schier stonden rijen met bussen te wachten om al deze toeristen gelijkmatig over het eiland te verspreiden.
Drie bussen later was ik eindelijk aan de beurt.
Benieuwd naar de rust.
Een heel weekend lang bestond mijn leven uit 2 sleutels:
Eén voor mijn fiets en één voor mij appartement.
Thuis zijn dat er minstens 6, als ik de sleutels van mijn werk niet meetel.
'Sullen wi goan, ôf sullen we t'r nog eantje neme?'
'Ja'
'Jâ, wat?!'
'Wi nemen t'r noag eantje'
Kadootjes
Zaterdag:
Ik liep naar mijn fiets. Shit! Lekke band. Morrend liep ik met mijn fiets terug naar mijn deur, om een pomp te halen. ‘Hey, Mariek!’ riep mijn buurman. ‘Lekke band? Ellende, zal ik hem even voor je plakken?’ Ik wist niet wat ik moest zeggen. ‘Uhm, ja, graag!’ Meteen ging hij aan de slag en 10 minuten later fietste ik weer weg op mijn geplakte band.
Zondag:
Ik kwam de bioscoop uit knipperend met mijn ogen tegen het felle buitenlicht. Het leek wel een droom: er vielen duidenden bloemen uit de lucht. Het Westerpark werd bedolven onder 90.000 bloemen, die vanuit een helikopter naar beneden werden gegooid. De geur was overweldigend. Wat een prachtig gezicht, een echte bloemen regen!
De trein van Amsterdam naar Arnhem heeft vertraging.
‘Hoe laat komen we aan in Arnhem?’ vraagt een man aan de conducteur.
‘Zeker 10 minuten later dan volgens de dienstregeling’ is het antwoord.
‘En als u nou eens sneller fluit op de tussen gelegen stations?’ probeert de man hoopvol.
‘Dat maakt niets uit meneer. Als ik 5 seconden sneller fluit komen wij 5 seconden eerder aan. Dat maakt geen verschil.’
‘Waar moet u heen?’ De conducteur toont iets dat op begrip lijkt.
‘Ik wil de stoptrein richting Zutphen halen.’
‘Nee, dat gaat niet lukken. Dan zult u toch echt de trein van een uur later moeten nemen.’
De man kijkt verslagen en zegt niets.
De conducteur loopt weg en mompelt: ‘Een uur , één uur. Wat maakt één uur nou uit op een mensenleven?’
De man laat zijn hoofd hopeloos tussen zijn handen zakken.
|
|
Eerder geplaatst op Hyves 6 juli |
| Het is warm. Ik zit te puffen in de metro. Een meisje in een strakke spijkerbroek komt naast mij zitten. Op het volgende station stapt een jongen met vlechtjes samen met een meisje met blonde krullen in. Ze komen tegenover ons zitten. De jongen kent het meisje in de spijkerbroek, ze groeten elkaar. ‘Is dat je vriendin?’ Vraagt het spijkerbroekmeisje nieuwsgierig, doelend op het leuke meisje dat naast de jongen zit. ‘Nee. Ik breng haar naar de stad,’ zegt de jongen. ‘Dus je gaat met haar uit?’ probeert het meisje verduidelijking te krijgen. ‘Nee, ze wist niet hoe ze met de metro naar de stad moest, dus ga ik even met haar mee. Ze komt uit Deventer en ze is nog nooit met de metro geweest,’ verheldert de jongen. De metro stopt. Het blonde meisje tikt de jongen aan: ‘Moeten wij er hier niet uit?’ ‘Nee, wij moeten er pas uit op het laatste station,’ stelt de jongen haar gerust en richt zich direct weer tot de spijkerbroek. ‘Dus echt niet je vriendin?' vraagt ze weer terwijl ze het krullenmeisje negeert. ‘Nee, niet mijn vriendin, ik zie haar voor het eerst.’ De jongen en het spijkermeisje raken in gesprek. De jongen kent de broer van het meisje, maar kent haar naam niet. ‘Rachida.’ zegt ze, waarna hij haar leeftijd vraagt: 16. Terloops pakt de jongen de handen van het spijkerbroekmeisje een paar keer vast tijdens het gesprek. Vlak voor station Wibautstraat geeft het meisje haar nummer aan de jongen en dan stapt ze uit. Nadat de jongen plechtig heeft moeten beloven haar te bellen. Direct keert de jongen zich naar de blonde krullen uit Deventer. ‘Wat ben je stil? Wat kijk je sip?’ vraagt hij. Het meisje is niet sip. Hij heeft haar gewoon te weinig aandacht gegeven. De jongen aait haar speels in haar gezicht en geeft haar een kus op haar wang. ‘Geef me dan een kus!’ daagt hij het mooie blonde meisje uit. ‘Nee, dat doe ik niet’ antwoord ze. ‘Waarom niet?’ ‘Omdat je zegt dat ik je vriendin niet ben.’ ‘Maar dat ben je toch ook niet? Ik ken je net.’ Ja, dat is dan wel waar, maar dan wil het meisje ook geen kus geven, terwijl ze duidelijk gecharmeerd is van de jongen met de vlechtjes. Hij kust haar nog een keer op haar wang en pakt haar zachtjes vast. ‘Als je niet wilt kussen dan kus ik je niet,’ zegt hij, maar hij smacht overduidelijk naar haar. Het blonde meisje wijfelt. We naderen station Waterlooplein. Ik moet eruit, of zal ik blijven zitten en een stukje terug lopen? Het is een lekker zwoele avond. |
|
|
Eerder geplaatst op Hyves 30 juli |
||
| Vorige week: Het is al weken warm, erg warm. Als er nog mussen zijn in Nederland, zitten ze in ieder geval niet meer op het dak. Ik ben op weg naar huis. Het zweet loopt in straaltjes over mijn rug. Maar zolang ik rustig fiets, valt het mee. Een druppel op mijn arm. En nog één: het begint te regenen. REGEN, eindelijk!! Verkoeling! Maar helaas, het blijft bij druppelen. De stortbui, waar iedereen naar verlangt blijft uit. Ik word ingehaald door een andere fietser, hij heeft gelukkig een regenpak aangedaan en de capuchon stevig tot over zijn oren getrokken.
|
||